Natuurpunt Gent is een regionale natuurvereniging voor Gent, Sint-Martens-Latem en Destelbergen. Samen met meer dan 6100 gezinnen-leden maken wij werk van meer natuur voor iedereen. Meer dan 250 lokale vrijwilligers zetten zich dagelijks in voor het beheer van natuurge-bieden, een sterke beleidswerking, een onovertroffen verenigings-werking met honderden activiteiten, ... en voor een enorm draagvlak voor natuur en natuurbeleid in Gent, Sint-Martens-Latem en Destelbergen.
Help de natuur in Vlaanderen. Word met het ganse gezin lid van Natuurpunt.
Donderdag 29 juli:
Planteninventarisatie in Sint-Amandsberg (Potuit)
Zaterdag 31 juli:
Maandelijkse beheernamiddag
Zaterdag 31 juli:
Nachtvlinderen met Jos
Zaterdag 31 juli en zondag 1 augustus:
Nationale tuinvlindertelling
Natuurgebieden - Bourgoyen-Ossemeersen
Landschap
Het landschap van de Bourgoyen-Ossemeersen is een riviervallei, uitgeschuurd door de Leie, met vochtige graslandpercelen (meersen) en veel sloten. Centraal ligt een zandige donk met daarop de historische Valkenhuishoeve (1624) die als beheersboerderij functioneert. De omliggende hoger gelegen zandige gronden (kouters) zijn voor het grootste deel bebouwd. Slechts een klein deel, de Vliegpleinkouter, is gevrijwaard gebleven van bebouwing en wordt hoofdzakelijk gebruikt als akker.
Bescherming
Meer over de bescherming van de Bourgoyen-Ossemeersen vind je hier.
Natuurbeheer
In 1996 werd een globaal beheerplan goedgekeurd door de Gemeenteraad van Gent. Het beheer wordt verder opgevolgd door een beheercommissie waar ook wij in afgevaardigd zijn. In dit beheersplan primeren de landschappelijke en natuurwetenschappelijke waarden van de Bourgoyen-Ossemeersen. Essentieel hierbij is de opdeling van het natuurreservaat in 6 deelgebieden met verschillende doelstellingen. In die deelgebieden zijn de beheersmaatregelen ofwel gericht op plantenvegetaties, ofwel gericht op de aanwezigheid van water- en weidevogels, ofwel gericht op wandelrecreatie en natuureducatie. Het dagelijkse terreinbeheer van de percelen in stadseigendom wordt uitgevoerd vanuit de Valkenhuishoeve met stedelijke natuurarbeiders die, afhankelijk van het seizoen, knotbomen en houtkanten snoeien, wegbermen en distels maaien, afsluitingen plaatsen, … . Voor het beheer van de grote graslandpercelen sluiten de Stad Gent en Natuurpunt Gent overeenkomsten af met landbouwers die de graslanden hooien en/of laten (na)beweiden met runderen. Het spoorwegdijkgebied, de zone rond de Kroosvarenplas en enkele ruigtes worden beheerd door Natuurpunt Gent.
Fauna
De Bourgoyen werden vooral bekend door de grote aantallen watervogels in het winterhalfjaar die aangetrokken worden door het opgehouden regenwater. Naast de duizenden Smienten zijn ook Wintertaling en Slobeend opvallend aanwezig. Bijna iedere winter wordt de befaamde 1%-norm gehaald voor de Slobeend (400 ex.). Kleinere aantallen van Pijlstaart, Krakeend en Kuifeend vervolledigen het rijtje. De meeste eenden, Kieviten en Watersnippen verlaten in de schemering de Bourgoyen om ’s nachts te gaan foerageren in de Leievallei. De Smienten gaan zo op de meest banale akker- en graslandpercelen tot tegen de bebouwing. Een heel ander verhaal dan overdag wanneer je ze enkel aantreft in grote rustige gebieden. Maar er komen ook vogels slapen in het gebied: meeuwen, Wulp en Kemphaan.
Naar het voorjaar toe worden de weidevogels opvallend door hun zang- of territoriumvluchten. De Kievit is het algemeenst maar ook de Grutto broedt de laatste jaren met ruim een tiental koppels. Berg-, Slob-, Kuif- en Krakeend zijn hier de andere ‘weidevogels’. Wij hopen ooit de Watersnip terug te krijgen als broedvogel. Deze is sinds 1991 geen broedvogel meer in de Bourgoyen. Op de Leie kom je ook nog enkele paartjes Fuut tegen. Dodaars lijkt het gebied herontdekt te hebben. Tot 2004 was er jaarlijks één paartje op het Kroosvarenplasje. In 2005 waren er tien, waarvan de meeste op de grotere sloten in de meersen, wat heel lang geleden was. Een andere aan waterrijke gebieden gebonden soort is de IJsvogel waarvan we tot 3 paartjes in het gebied hebben.
In de ruigten en rietkanten broeden Kleine Karekiet, Bosrietzanger, Rietgors en Blauwborst. We hebben ook jaarlijks een koppeltje Sprinkhaanzangers. Heel recent broeden er weer één à twee paar Rietzanger en bovendien heeft ook de Graszanger het gebied ontdekt. Hij zipt er maar op los in voorjaar en zomer. In 2005 waren er 3 territoria.
Andere leuke soorten zijn Bosuil (aan de Grutto in 2006!), Boomvalk, Sperwer, Koekoek en Kleine Bonte Specht. De Bourgoyen is nog één van de weinige gebieden in het Gentse waar meer dan één paar Matkoppen tot broeden komt.
Flora
Het jarenlange extensieve beheer in de Bourgoyen werpt zijn vruchten af. De meest percelen kennen een bonte mengeling van bloeiende planten. De natste delen worden gedomineerd door Tweerijige zegge in het perceel en Scherpe zegge langs de slootjes aan de perceelsranden. Op kale plekken vind je Zilverschoon en Moeras-vergeet-mij-nietje. Iets hoger komen we in de Dottergraslanden. De Dotterbloem is vooral opvallend tot begin mei. wanneer ze uitgebloeid is, wordt ze vervangen door Echte Koekoeksbloem, Egelboterbloem, Reukgras, Waterbies, Moerasrolklaver, Rietorchis, Schildereprijs en hier en daar Pijptorkruid. Op de hogere delen begint de Grote ratelaar massaal te bloeien vanaf half mei, hij staat zelfs tot boven op de spoorwegberm. In de sloten is vooral de Waterviolier te bewonderen maar ook de meer bescheiden Fijne waterranonkel oogt niet lelijk. Onder water vind je Gedoornd hoornblad, Aarvederkruid en Brede waterpest. Langs de Meerskant hebben we een opwellende kwel vanaf de kouters. Hier komen Blauwe zegge, Blaas- en Snavelzegge, Veldrus en Bosbies dan aan hun trekken. De ‘droge’ percelen staan vergeven van Kamgras, Timotheegras, Veldgerst en andere soorten die op een verminderde voedselrijkdom wijzen. Enkele leukerds zijn:
- Muizenstaartje dat overal staat waar de koeien iets intensiever lopen
- Rode Ogentroost die zeer talrijk is op de randen van de Donk
- Moeraszoutgras dat zeer moeilijk te vinden is tussen al dat groen
- Kleine ratelaar die beperkt is tot de westelijke Meerskant
- Heen, wat eerder een brakke plant is maar soms zoet voorkomt
- Wilde bertram in de mooiste hooilanden aan de Meerskant
Inrichtingsproject
Het instrument 'natuurinrichting' maakt deel uit van het natuurbeleid van de Vlaamse Regering. Met natuurinrichting worden geen bijkomende gebieden afgebakend, maar wil de overheid de bestaande natuurgebieden beter inrichten en laten ontwikkelen. Ook in de Bourgoyen-Ossemeersen voert de Vlaamse overheid een natuurinrichtingsproject uit. De bedoeling is om bijkomende natuurwaarden te ontwikkelen en de kwaliteit van de aanwezige natuur te versterken. Hierbij wordt veel aandacht besteed aan maatregelen die de recreatieve druk beheersen en de natuurbeleving optimaliseren.
Het inrichtingsproject in de Bourgoyen-Ossemeersen wordt in drie fasen (delen) afgewerkt.
Het eerste deel: baggeren Loopgracht
Om de levenskwaliteit van watergebonden planten en dieren in het natuurreservaat te verzekeren, is voldoende en kwaliteitsvol water nodig in combinatie met een gezonde waterbodem. De diepte van de waterloop speelt hierbij een cruciale rol: vorstvrij water in de winter en geen droogval in de zomer. Daarom werd in februari tot juni 2004 over een lengte van 1,8 km alle slib uit de Loopgracht verwijderd en afgevoerd. Zo'n 30.000 ton slib werd afgevoerd. Kostprijs van het ruimen van de Loopgracht 1,32 miljoen euro.
Het tweede deel: grond- en waterwerken
In februari 2005 werd gestart met de grond-en waterwerken. Het afgraven van de 15 ha grote 'Schapenweide' (een opgespoten terrein met slib van de uitgegraven Ringvaart aan de R4) vormt het hart van het natuurinrichtingsproject. De afgraving verhoogt de oppervlakte natte meersen aanzienlijk. De vrijgekomen grond wordt deels hergebruikt bij de aanleg van de geluidswerende gronddammen. Het volume afgegraven grond bedraagt 195.000 m³.
Ter hoogte van de Meerskant werd een geluidswerend scherm geplaatst om de waardevolle hooilanden daar te sparen. In dit tweede deel worden ook stuwen geplaatst die een betere regeling van de waterhuishouding in de toekomst mogelijk maken, een houtwal aangelegd langs de Drongensesteenweg, twee vleermuizenkokers geplaatst, een oeverzwaluwenwand aangebracht, enz. Kostprijs van alle grond-en waterwerken is 3,3 miljoen euro. Het einde van de afgraving is voorzien eind oktober 2006.
Het derde deel: infrastructuurwerken
In januari 2006 is gestart met de derde fase. De timing van de derde fase overlapt ten dele met die van de tweede fase. In deze laatste fase wordt een natuurrecreatieve infrastructuur op punt gezet. De volgende zaken staan o.a. op het programma: het heraanleggen van het wandelcircuit en van de beheerwegen, het inrichten van de zes gebiedstoegangen, het plaatsen van zitbanken, het planten van een hoogstamboomgaard aan de Valkenhuishoeve, de bouw van twee vogelkijkhutten, het afvlakken van de taluds van de centrale ophoging rond het Valkenhuis, enz. De kostprijs van deze infrastructuurwerken bedraagt 765.627 euro. Het einde van deze fase is voorzien voor eind 2006. Enkel de verharding van de wandelweg langs de geluidswerende gronddam zal na de winter gebeuren.
Samenwerking
Bij natuurinrichting werken verschillende instanties samen. Het Agentschap voor Natuur en Bos en de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) leveren het voorbereidende werk en werken de inrichtingsmaatregelen uit in opdracht van het 'natuurinrichtingscomité' (waar ook Natuurpunt in zetelt).
De financiering van het project gebeurt door het Agentschap voor Natuur en Bos, de afdeling Wegen en Verkeer Oost-Vlaanderen en het stadsbestuur van Gent.
De Vlaamse Landmaatschappij verzorgt de leiding en het toezicht van de werken.